Logo: DogNature: uw hond natuurlijk gezond

Aromatherapie

Aromatherapie maakt gebruik van essentiële (etherische) oliën. Deze oliën worden, meestal met behulp van waterdampdestillatie, onttrokken aan planten.
Aromatherapie is eigenlijk een misleidende naam. Het woord aroma doet denken aan geur, maar er zijn drie manieren om essentiële oliën in te zetten: inademing, massage en inname. Inademing heeft effect op de luchtwegen en de emoties. Geurervaring staat direct in verband met het limbisch systeem in de hersenen, zodat geur direct invloed heeft op de emoties. Massage werkt in op de huid, de organen die daaronder liggen of op de pezen en de spieren. Bij inname hebben de oliën effect op de organen, orgaanstelsels of op het gehele systeem.
Elke olie heeft zijn eigen fysieke en mentale werking.
Er zijn vele winkels die oliën verkopen, maar de kwaliteit kan erg wisselen. Wat op het etiquette staat, kan misleidend zijn. Met de kwaliteit van de olie echter, staat of valt het succes van de behandeling.


Geschiedenis

De aromatherapie is al duizenden jaren oud. Reeds 4500 jaar voor Christus hielden de Chinezen de ‘yellow pages of China’ bij, waarin ze therapieën met kruiden en essentiële oliën beschreven. Op kleitabletten stonden bij de oude Egyptenaren recepten van medicijnen met essentiële oliën. In die tijd werd dit product in Egypte hoog gewaardeerd, maar was alleen voor priesters en farao's toegankelijk. De priesters wisten veel van essentiële oliën. Als mensen een gezondheidsklacht hadden, was de eerste lijn de priester, de tweede het orakel.
De Egyptenaren exporteerden de oliën niet, zodat ze daarin superieur konden blijven, maar de Foenisiërs smokkelden de oliën het land uit. Ze kwamen terecht in Constantinopel, maar de kennis van het gebruik voor medische doeleinden bleef achter. De Arabieren hebben deze kennis niet ontwikkeld, maar ze gebruikten de oliën wel voor geuren.
In het middeleeuwse Europa was de kasteelheer verantwoordelijk voor het welzijn van de bevolking, daarvoor had hij geld en aanzien nodig. Die verwierf hij door op kruistocht te gaan. Hij nam souvenirs mee en dat waren onder andere essentiële oliën. De alchemist was in de kasteelgemeenschap belangrijk. Hij was astroloog en daarnaast had hij de taak goud te maken. Men ging ervan uit dat goud een goddelijk product was. De essentiële olie werd ook als goddelijk beschouwd, dus de alchemist moest ook daarvan goud maken. Tegelijkertijd hebben de alchemisten veel geëxperimenteerd en veel (her)ontdekt. Er werd ook veel met kruiden gewerkt, die gebracht werden door de kruidenvrouw. Zij wisselden kennis uit over kruiden en oliën.
In die tijd had de kerk er alle belang bij kennis en wetenschap voor zichzelf te houden; kennis was immers macht. Zij wilde niet dat de gewone burger kennis bezat. De kruidenvrouwen stierven dus uit en de kennis werd niet meer doorgegeven. De alchemist verdween ook, met het kasteelleven.
Eind 19e eeuw ontstond de reguliere geneeskunde. Vanaf dat moment werd gezondheid gezien als afwezigheid van ziekte, keek men naar de ziekte in plaats van naar de zieke. Men ontwikkelde veel kennis om een verschijnsel uit te roeien maar men verloor het geheel van lichaam en geest van het individu uit het oog.
Tijdens de eerste wereldoorlog probeerde de reguliere arts de gewonden te behandelen, maar had niet genoeg medicijnen. Boeren gaven tips om bepaalde oliën te gebruiken, maar deze kennis verdween na de oorlog weer. Tijdens de tweede wereldoorlog gebeurde hetzelfde, maar deze artsen vergaten het niet en startten wetenschappelijk onderzoek naar de werking van essentiële oliën.